Nieuws: “In Ethiopië is het nog erger dan in Libië”
21/04/2011
Hunde Dhugassa kwam in 2007 vanuit Ethiopië aan in België, zonder zijn vriendin die hij amper 4 maand daarvoor
had leren kennen. Dat hij de verkozen voorman was van een studentenbeweging in zijn geboorteland, werd hem door het regime niet in dank afgenomen. “Zolang ik studeerde had ik een achterban van tienduizenden studenten achter mij”, vertelt hij. “Pas toen ik afstudeerde, begonnen de problemen. In Ethiopië is het nog erger dan in Libië. Mensen worden willekeurig gevangen gezet en gefolterd of verdwijnen.”
Als jurist draagt Hunde rechtvaardigheid hoog in het vaandel. “En daar ontbreekt het aan in mijn vaderland. Ethiopië is zogezegd een democratie sinds de communistische dictator Mengistu in 1991 verdreven werd. Bij de laatste parlementsverkiezingen haalde de regeringspartij 99,6 % van de stemmen. Dat zegt genoeg. Toch wordt de regering actief gesteund door het Westen. De Amerikaanse ambassadeur deelde met plezier schouderklopjes uit aan het regime voor de voorbeeldige verkiezingsstrijd.”
Niet alleen de politiek, ook het westerse bedrijfsleven bakt zoete broodjes met de regering onder leiding van premier Meles Zenawi. “Boeren worden onteigend, hun grond wordt doorverkocht aan westerse bedrijven die de vroegere eigenaars aan een hongerloon op hun vroegere grond laten werken. Dat gebeurt allemaal zonder noemenswaardige compensatie. Ethiopië is heel rijk aan grondstoffen, maar het land wordt letterlijk uitverkocht aan het bedrijfsleven. Het land boekt jaar na jaar economische groei, maar de lokale bevolking blijft met honger achter. Een kleine elite zwemt ondertussen in weelde.”
Studentenbewegingen potentieel gevaar voor regime
Het is tegen die wantoestanden dat studenten vaak in opstand komen. “In de hoofdstad Addis Abeba zitten studenten samen uit alle uithoeken van het land en van alle mogelijke rassen en stammen. Die jongeren spreken met elkaar, debatteren en wisselen informatie uit. Dat is altijd al een potentieel gevaar geweest voor het regime. Studentenbewegingen worden dan ook met argusogen bekeken.”
Tegelijk speelt ook de macht van het getal. “Wij hebben onder de studenten democratische verkiezingen gehouden en ik ben toen tot hun voorzitter verkozen. Daardoor had ik een ruime achterban en durfde men mij niet al te openlijk aanpakken. Ik kreeg toen behoorlijk wat vrijheid om kritiek te leveren op het beleid, bijvoorbeeld over de gebrekkige behuizing van studenten, de investeringen in onderwijs, de voedselproblematiek of politieke onderwerpen in het algemeen. Als jurist wilde ik streven naar meer rechtvaardigheid in de Ethiopische samenleving. Weet je, Ethiopië is op papier inderdaad een democratie. We beschikken over een uitstekende grondwet, een voorbeeld voor veel andere landen, waarin de mensenrechten van elke inwoner gegarandeerd zijn. Op papier dan toch, want hij wordt simpelweg niet toegepast.”
Noord-Afrika en Midden-Oosten tekenen van hoop
Een dictatoriaal regime dat gesteund wordt door het Westen onder het mom van stabiliteit. Het lijkt Noord-Afrika wel. “In Ethiopië is het nog veel erger. Mensen worden gevangen gezet, gefolterd of verdwijnen. Om je een idee te geven, Ethiopiërs vluchtten tot net voor de burgeroorlog zelfs naar Libië omdat het daar nog altijd minder erg was dan in hun eigen land. De revoluties in Noord-Afrika en het Midden-Oosten hebben ons ook wel een stukje hoop gegeven. Blijkbaar kan het, een democratische revolutie. Wees maar zeker dat onze politieke leiders in Ethiopië met een bang oog kijken naar wat gebeurt in landen als Tunesië, Egypte of Libië.”
Voor Hunde begonnen de problemen pas nadat hij afgestudeerd was. “Sommige van mijn medestudenten werden zelf politieke leiders. Anderen, zoals ik, wilden als jurist ijveren voor een rechtvaardige toepassing van de wet in Ethiopië. Geleidelijk zag je de dreiging toenemen. Vrienden van mij verdwenen of belandden in de gevangenis. Ik had al de boodschap gekregen dat het weldra mijn beurt was. Uiteindelijk werd die dreiging mij teveel en ben ik vertrokken, met veel pijn in het hart. Mijn vriendin had ik pas vier maanden eerder leren kennen. Haar alleen achterlaten, dat was een verschrikkelijke keuze.”
Marthe van Vluchtelingenwerk Vlaanderen
Ondertussen heeft ze zich bij hem gevoegd in België. “Die eerste jaren waren niet gemakkelijk, al heb ik hier zeer veel warme mensen ontmoet, en zeker Marthe.” Marthe is een vrijwilliger bij Vluchtelingenwerk Vlaanderen die Hunde begeleidde in zijn zoektocht naar asiel. “Met paperassen, met taallessen, ook door mij in contact te brengen met andere Belgen. Het feit dat je er niet alleen voor staat, maakt een wereld van verschil. Ze heeft mij hier echt rechtgehouden, dat eerste jaar. Zonder haar zou ik nooit staan waar ik nu sta.”
Hunde kreeg ook een heuse cultuurschok te verwerken. “Ik kwam hier aan in de winter. Het was hier koud en donker. Ik kon me toen alleen behelpen met gebaren. In het vluchtelingencentrum hing er een zeer dreigende sfeer. Je bent er absoluut niet veilig. Veel willekeur ook. Mensen worden al dan niet teruggestuurd, maar het blijft heel onduidelijk welke criteria gelden. Wat ik vandaag nog altijd heel vreemd vind, is de afstandelijkheid van de Belgen. Hier kun je twee uur tegenover iemand op de trein zitten zonder een woord met elkaar te wisselen. In Ethiopië is dat ondenkbaar. Nu, ik vind België eigenlijk een prachtig land. Mensen hebben hier een groot gevoel voor rechtvaardigheid. Hoe onveilig ik mij voelde in het asielcentrum, zo veilig voel ik mij in dit land. Dat gevoel is van onschatbare waarde.
Europees recht
Ondertussen heeft Hunde ook in België een universitair diploma behaald. In Gent studeerde hij Europees recht. “Daar heb ik enorm veel aan gehad. Afrikaanse landen zouden in Europa moeten gaan kijken hoe hier omgegaan wordt met recht en wetten. Dit is waar het ons in Afrika, en zeker in Ethiopië, aan ontbreekt. Wij hebben grondstoffen, een jonge bevolking die bereid is om aan haar toekomst te bouwen, maar we missen politieke leiders die hun land vooruit willen helpen in plaats van zichzelf. Jammer genoeg hanteert Europa een dubbele logica. In Afrika steunt ze leiders die mensenrechten voortdurend en brutaal schenden, diezelfde mensenrechten die men voor de eigen bevolking zo hoog in het vaandel draagt.”
Als jurist volgt Hunde met veel belangstelling de politieke martelgang waarin België verzeild is geraakt. “Het zal je misschien verbazen, maar die hele tegenstelling tussen Nederlands- en Franstaligen komt mij bekend voor. Ethiopië is een heel divers land met tientallen bevolkingsgroepen en 6 verschillende talen. De tweede grootste bevolkingsgroep zijn de Amharen, die hun taal – het Amhaars – bij het ontstaan van Ethiopië in de negentiende eeuw opgelegd hebben. De Oromo, in aantal groter dan de Amharen, hebben zich daar altijd tegen verzet en komen tot vandaag op, sommigen zelfs gewapenderhand, voor het recht om hun eigen taal te spreken. Ik zou in dit verhaal, als Oromo, dus de separatist zijn. Al ben ik daar zelf niet zo radicaal in. Ik vind het ook een moeilijke discussie. Het recht op je eigen cultuur en het recht op solidariteit. Het zijn twee uitgangspunten die respect verdienen. Ik heb ook geen pasklare oplossing. Wat ik wel heel mooi vind, is dat het debat blijft gevoerd worden, hoe moeilijk ook. Het land blijft functioneren, de rechtspraak gaat door. Mensen kunnen nog steeds hun rechten vrijwaren, ondanks de politieke impasse. Ik wou dat dit in Ethiopië ook mogelijk was.”
Hunde is één van de gezichten van de campagne van Vluchtelingenwerk Vlaanderen ‘De make-over van een leven. Ongevraagd, toch geslaagd’. Schrijf zelf mee aan een nieuw verhaal en meld je aan als vrijwilliger.
Oromo Parliamentarians Council (OPC)
